We leggen uit hoe de overgangsregeling werkt wanneer je behandeling rond de jaarwisseling loopt. Met duidelijke voorbeelden laten we zien wanneer je zorg nog volledig vergoed wordt en wanneer er een lagere vergoeding geldt. Zo weet je precies waar je aan toe bent en of je eventueel moet bijbetalen.
We beantwoorden onder andere:
Hiermee helpen we je om snel te begrijpen hoe de overgang tussen twee verzekeringsjaren werkt, zonder verrassingen achteraf.
Wat de overgang voor jou betekent hangt af van welke zorg je krijgt:
Als dit ziekenhuis of deze ZBC in 2026 géén contract met ons sluit, dan kun je in 2026 doorgaan met deze behandeling. Er is een overgangsperiode van maximaal een jaar waarin je deze behandeling gewoon vergoed krijgt (er geldt wel eigen risico bij medisch specialistische zorg). Heb je na dat jaar nog langer behandeling nodig? Dan krijg je een lagere vergoeding voor niet-gecontracteerde zorg.
Dan valt die nieuwe behandeling niet onder de overgangsregeling. Je ontvangt dan een lagere vergoeding voor niet-gecontracteerde zorg. Dit betekent dat je een deel van de rekening zelf betaalt, naast je eigen risico en mogelijk eigen bijdrage. Wil je volledige vergoeding voor je behandeling? Ga dan naar een zorgverlener die wel een contract met ons heeft.
Op 22 december 2025 breekt Sytze zijn pols. Hij gaat naar een gecontracteerd ziekenhuis voor foto’s. Daaruit blijkt dat een operatie nodig is. Op 5 januari 2026 wordt hij geopereerd en op 20 maart 2026 komt hij terug voor een laatste controle. Omdat dit ziekenhuis in 2025 een contract met ons had, krijgt Sytze de foto’s, de operatie én de controle volledig vergoed. Hij betaalt alleen zijn eigen risico.
In 2026 moet Sytze opnieuw naar het ziekenhuis, deze keer om een moedervlek te laten verwijderen. Hij wil graag weer naar hetzelfde ziekenhuis. Dat ziekenhuis heeft in 2026 geen contract meer met ons. Voor het verwijderen van de moedervlek krijgt Sytze in 2026 een lagere vergoeding, omdat dit niet‑gecontracteerde zorg is.
Als deze zorgverlener in 2026 géén contract met ons sluit, kun je in 2026 doorgaan met deze behandeling. Er is een overgangsperiode van maximaal een jaar waarin je deze behandeling gewoon vergoed krijgt (er geldt wel eigen risico voor geneeskundige ggz).
Dan krijg je een lagere vergoeding voor niet-gecontracteerde zorg. Heb je in 2026 andere psychische klachten waarvoor je bij deze GGZ-instelling een andere behandeling nodig hebt? Dan valt die behandeling niet onder de overgangsregeling. Je krijgt dan een lagere vergoeding. Dit betekent dat je een deel van de rekening zelf betaalt, naast je eigen risico. Wil je niet zelf bijbetalen voor niet-gecontracteerde zorg? Ga dan naar een zorgverlener die wel een contract met ons heeft.
Voorbeeld GGZ (geneeskundige geestelijke gezondheidszorg)
Op 15 mei 2025 start Annemarie een behandeling voor een depressie bij een gecontracteerde GGZ‑instelling. Omdat er een contract is, krijgt zij haar behandeling vergoed (ze betaalt alleen eigen risico).
In 2026 krijgt Annemarie een zwaar auto‑ongeluk. Daarna ontwikkelt zij PTSS. Ze wil voor haar PTSS‑behandeling naar dezelfde instelling gaan. De GGZ‑instelling heeft in 2026 echter geen contract meer met ons. Dat betekent dat de behandeling voor haar depressie, die in 2025 is gestart, in 2026 nog volledig wordt vergoed. Voor de nieuwe PTSS‑behandeling krijgt zij een lagere vergoeding, omdat dit niet‑gecontracteerde zorg is.
Als deze organisatie in 2026 géén contract met ons sluit, kun je in 2026 doorgaan met deze zorg. Er is een overgangsperiode van maximaal een jaar waarin je deze zorg gewoon vergoed krijgt. Krijg je na dat jaar nog steeds zorg van dezelfde organisatie? Dan krijg je een lagere vergoeding voor niet-gecontracteerde zorg.
Als de thuiszorg stopt en je later in 2026 opnieuw thuiszorg nodig hebt, valt deze zorg niet onder de overgangsregeling. Je krijgt dan een lagere vergoeding voor niet-gecontracteerde zorg. Dit betekent dat je een deel van de rekening zelf betaalt. Ook heb je dan toestemming van ons nodig. Wil je dit niet? Ga dan naar een thuiszorgorganisatie die wel een contract met ons heeft.
Op 2 november 2025 start Jelle met wijkverpleging via een gecontracteerde thuiszorgorganisatie, omdat hij herstelt van een heupoperatie. Deze zorg wordt volledig vergoed.
Ook in 2026 heeft Jelle nog wijkverpleging nodig voor zijn herstel. Omdat het gaat om zorg die in 2025 is gestart, blijft deze zorg in 2026 volledig vergoed, ook als de thuiszorgorganisatie in 2026 geen contract meer heeft.
In juli 2026 krijgt Jelle een beroerte. Daarvoor heeft hij opnieuw wijkverpleging nodig, en het liefst van dezelfde organisatie als eerder. Maar die organisatie heeft in 2026 geen contract meer. Daarom krijgt Jelle de thuiszorg voor zijn heuprevalidatie nog volledig vergoed, maar voor de thuiszorg na zijn beroerte ontvangt hij een lagere vergoeding (niet‑gecontracteerde zorg).
Bij alle zorg uit de basisverzekering (behalve bij hulpmiddelen) geldt een overgangsregeling, net als bij medisch specialistische zorg, GGZ en wijkverpleging. De overgangsperiode is altijd maximaal 1 jaar en is alleen voor de aandoening of indicatie waar je al in 2025 voor behandeld wordt.
Heb je in 2026 weer zorg nodig, maar dan voor een nieuwe aandoening of indicatie? Dan krijg je de lagere vergoeding.