Een simpele vraag van mijn leidinggevende was het zetje dat ik nodig had: “Wat heeft deze werkdag bijgedragen aan jouw vitaliteit?” De eerste keren was het antwoord pijnlijk duidelijk: weinig tot niets. Sindsdien kijk ik anders naar mijn werkdag. Niet alleen door te plannen wát ik doe, maar ook hóe ik me wil voelen. Want gezonde medewerkers zijn niet alleen gelukkiger, ze zijn aantoonbaar productiever. Vitaliteit is dus geen bonus, maar brandstof. En dat geldt voor elke organisatie.
Vitaliteit is geen bonus, maar brandstof.
Mijn ‘vitaliteitsgeheim’? Maak het jezelf moeilijk(er) – maar wel haalbaar. Ik fiets regelmatig van Spannum naar Leeuwarden en terug. Elektrisch ja, dus eigenlijk altijd wind mee. Maar die rit is goud waard: even loskomen van de waan van de dag, luisteren naar de natuur of een podcast, of simpelweg genieten van stilte. Het is mijn mentale oplaadmoment tussen thuis en werk.
Daarnaast geloof ik heilig in minimomenten. Een wall sit met collega’s. Tien squats terwijl de cappuccino doorloopt. Een paar push-ups als ik thuis werk. Ik leg de drempel belachelijk laag – minimaal drie push-ups – maar dat zorgt er juist voor dat ik het volhoud. En vaak worden het er dan meer. Zo werkt het ook voor organisaties: zet vitaliteit makkelijk in gang. Maak het laagdrempelig, dan krijgt het vanzelf vaart. En dat levert direct op: minder verzuim, meer energie, en een betere sfeer.
Geef medewerkers de ruimte én de tools om vitaal te blijven.